Live tekenen en hoe ik dat eigenlijk doe.

Live tekenen en hoe ik dat eigenlijk doe.

90% Van mijn opdrachten bestaat uit live tekenen. Visueel notuleren. Graphic recording.  Hoe je het ook noemt, het is ter plekke de informatie omzetten naar een visueel aantrekkelijk beeld. Ik weet nog dat ik bij de allereerste live tekenopdracht dacht: wat ga ik eigenlijk doen? (En soms denk ik dat nog steeds.) Laatst ging ik erover nadenken hoe ik het eigenlijk aanpak. Nou, en toen kreeg ik het idee voor dit blogje. Misschien leuk voor de beginnende live tekenaar, of als je niet kunt tekenen maar benieuwd bent naar een klein kijkje achter mijn schermen. Dus daar gaan we.

TIP 1: Ik bereid mij maximaal niet voor.

Okee, dat klinkt een beetje gek. Want natuurlijk bereid ik mij wel voor. Vooraf aan een bijeenkomst wil ik graag de Powerpoint-presentaties, context rondom de inhoud, soms google ik zelfs foto’s van de sprekers omdat ik weet dat die belangrijk worden bij mijn illustratie. Allemaal informatie die ik dan stop in mijn  rugzakje zodat ik die kan gebruiken als het nodig is. Een beetje net zoals je niet onvoorbereid gaat survivallen tussen de apen in Afrika.

Maar net zoals tussen de apen in Afrika weet ik dat ik soms moet improviseren. Want het gebeurt dat een presentatie die ik heb gelezen en waarvan ik de inhoud helemaal snap ineens wordt geannuleerd. Of een spreker wiens hoofd je fotografisch hebt onthouden zegt af. Aaah.

Nou ja, niks aaah. Het heeft allemaal te maken met je mindset. Blijf rustig. Luister goed. Ik weet: Bij elke presentatie die je voor het eerst hoort wordt de kern in het begin gezegd, de rest is allemaal extra informatie. Er is altijd een quote die blijft hangen en waar ik iets mee kan. Maar een tip: Blijf binnen je comfortzone. Ga niet ineens cartoons tekenen als je die nog nooit hebt gemaakt. Maak hier vantevoren ook afspraken over, dat de mensen niet denken dat je Fokke & Sukke komt tekenen. (Ja, dat gebeurt best vaak.)

TIP 2: Ik ken mijn materiaal. 

Zoals een houthakker gek is op allerlei soorten hakbijlen (de HAK 5000 voor eikenbomen, de BAM 200 voor woudreuzen – tenminste, dat stel ik mij dan zo voor) zo heeft elke live tekenaar zijn set met tekenmateriaal voor elke gelegenheid.

Nu heb ik twee metaforische jasjes als tekenaar; de analoge, en de digitale. Ik moet zeggen dat ik mij nog het meest comfortabel voel in het digitale jasje. Ik heb mijn iPad Pro (ja, duur, maar zo het geld waard), ik heb mijn Procreate (beste app ooit) en ik heb mijn snoertjes om te hangen aan beamers die alles het scherm op knallen. Het fijne van digitale is dat je alle controle hebt en alles heel snel af kan zijn. Soms zelfs op de dag zelf al.

Het analoge jasje zit anders. Het is minder comfortabel, je hebt geen undo-knop zoals op de iPad. Wel gebruik ik hele (hele) lichte grijze markers om voor te schetsen. En ik maak altijd kleine thumbnails in mijn boekje – dat zijn opzetjes van de tekening op postzegelformaat. Dan weet ik hoe de figuren moeten staan, waar de tekst komt. Daarnaast is goed materiaal ook belangrijk; De Neuland-makers tekenen bijvoorbeeld heel erg lekker. En ik zorg ervoor dat ik markerpapier koop en geen dik schetspapier, dat laatste zuigt veel te veel inkt op.

TIP 3: Ik ben onzichtbaar. 

Als ik als live tekenaar kom bij een bijeenkomst of congres dan is er meestal een hele hoop geregel. De ruimtes moeten nog worden ingedeeld, sprekers zeggen af of er is gedoe met snoeren (er is bijna altijd gedoe met snoeren). Wat je niet wilt als congres-regelaar is dingen extra moeten regelen, zoals tape voor papier of een snoertje voor de beamer. Ik zorg dus dat ik zoveel mogelijk zelf mee heb. (Behalve een tafel, dat is echt best een gedoe. Ooit wordt er een uitklapbare tafel bedacht maar die tijd is nog niet nu.)

En kan ik helpen om iets op te hangen, of te versjouwen, of wat dan ook: dan doe ik dat gewoon. Je bent dienstbaar aan het congres en alle hulp is welkom. Verder denk ik ook graag mee over de juiste plek binnen de hal. Zeker bij analoog tekenen, waar ik veel vellen vol teken, is het leuk als er een duidelijke wand is waar men in de koffiepauzes bij kan komen staan. Op die manier ontlast je de congresregelaar en zorg je voor een fijne tekenplek voor jezelf.

Tot slot draag ik donkere kleding. Het komt vaak voor dat ik ermee wordt verward met mensen van de Technische Dienst, maar ach. Ik wil dat mijn tekeningen opvallen, niet ikzelf.

Dit was het voor nu! Dit alles is natuurlijk nog maar het topje van de ijsberg, er is nog veel meer te vertellen. Hoe zorg je voor een fijne compositie? Hoe teken je het beste op de iPad? Misschien maak ik daar een andere keer een blogje over. Of mail mij als je vragen hebt, ook leuk!